De billijke vergoeding (artikel 7:671b lid 8 BW) is bedoeld voor situaties waarin het einde van het dienstverband te wijten is aan ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Het is nadrukkelijk géén standaard-plus op de transitievergoeding, maar een uitzondering die de rechter case-by-case bepaalt.
Typische situaties
In de praktijk zien we een handvol patronen die vrijwel altijd tot een billijke vergoeding leiden:
- Verzonnen of niet-onderbouwd verbetertraject dat feitelijk op ontslag was gericht
- Discriminatie of vergelding na een klacht (bijv. na melding grensoverschrijdend gedrag)
- Bewust dossier laten oplopen zonder gesprek of begeleiding
- Ernstige schending van goed werkgeverschap (bijv. valselijk beschuldigen)
- Onterecht ontslag op staande voet dat later door de rechter wordt vernietigd
New Hairstyle-arrest: de rekenpunten
De Hoge Raad (New Hairstyle, 2017) gaf richting: de billijke vergoeding compenseert het gevolg van het verwijtbaar handelen, is niet punitief en houdt rekening met alle omstandigheden. In de praktijk wegen mee: de kans op behoud van het dienstverband zonder de fout, gederfd inkomen tot een reëel moment van nieuwe baan, immateriële schade en overige compensatie (transitievergoeding, WW).
Wat het betekent voor werkgevers
Billijke vergoedingen lopen in de praktijk uiteen van enkele duizenden euro's tot tonnen. Het risico is niet primair het bedrag, maar het feit dat een rechter je handelen als ernstig verwijtbaar bestempelt — dat wordt vaak gepubliceerd (rechtspraak.nl) en werkt door in reputatie en OR-verhoudingen.
Jean's kijk
In vrijwel elke zaak waarin een billijke vergoeding wordt toegekend, was er een moment waarop een eerlijk VSO-gesprek de escalatie had voorkomen. Wij zien werkgevers die tienduizenden euro's uitgeven aan procedures om vervolgens te horen dat een cadeau van twintigduizend euro vooraf goedkoper én menselijker was geweest.



